 |
Merkencarroussel
Vandaag wordt mijn moeder zeventig jaar en
dat gaan we vanavond uitbundig vieren. Vandaag ook ben ik zeven maand en
dat ga ik gelijk in stilte vieren. Daar ben ik jullie allen oneindig
dankbaar voor.
De puinhoop die ik achterlaat, daar liggen duizenden lege flesjes Duvel
op. Sjonge, kon ik lyrisch tekeer gaan over 'die godendrank' die Duvel
heette. Na zeven of acht hadden die lyrische ontboezemingen eerder weg van
delyrisch gewauwel. Een echte kenner, mevrouw of meneer, die dronk geen
Johnny Walker of J&B, die dronk Oban single malt. Porto was vintage,
minstens 1971. De enige echte Amaretto was Di Saronno, de rest rommel.
Champagne kocht je na omstandig proeven bij een kleine wijnboer uit de
streek van Epernay, niet de chemische en dure rommel zoals Mumm, of
Laurent Perrier. Een Ricard nuttigde je tussen twee maaltijden door, als
je even niets anders te doen had dan te drinken. Nooit een Ricard voor of
na het eten. Voor het eten dronk je bij voorkeur een fles sherry Williams,
na het eten Duvel, zeven stuks. Goed voor de spijsvertering. Een Baileys
Irisch Cream was op zijn best royaal aangelengd met whisky en in een glas
met gekraakt ijs. Jenever, ijsgekoeld alleen uit de streek van Gent of uit
Limburg, geen Bols en aanverwanten. Wel een exclusieve Bommerlunder,
uitsluitend verdeeld door Mampaey & Co. Campari enkel met echte soda, niet
met sinaasappelsap. 's Morgens een sterke koffie met een glaasje porto.
Vintage porto, dat spreekt! Twee glaasjes mocht ook. En voor het slapen
gaan een Punch Guave met bruine rhum. Tequila met een snuifje zout en een
schijfje citroen, voor heel speciale gelegenheden want eigenlijk niet te
drinken, zelfs niet voor een alcoholist. Maar die Tequila Rapido waarbij
je snel Schweppess Tonic in je glas goot, met de platte voet van je glas
hard tegen de tafel of de toog sloeg zodat de tonic opborrelde en je het
goedje in een keer moest leegdrinken, dat ging er wel in. Gepikt uit de
film 37,2 Le Matin.
Op den duur was het alles door elkaar, zonder vaste volgorde, zonder
structuur, zonder plezier, zonder gezelschap, zonder glas...
Een greep uit de puinhoop die ik heb achtergelaten en waar ik naar omkijk
zonder verlangen. Met een gevoel van walging.
Verslaafd ben ik nog steeds, en met veel genoegen geef ik vaak toe aan
mijn verslaving. Het genot dat ik ervaar bij mijn verslaving kan ik nu met
iedereen delen. Nu word ik lyrisch van een verse dikke snee volkorenbrood
gul bedeeld met een dikke laag choco. Kwatta, Nutella, of Cote D'Or. Ik
mag al eens met veel verlangen stoppen aan een pompstation en in de plaats
van benzine koop ik een reep Mars of Snickers of allebei. Ik eet dat
zonder wroeging op. Als ik in Leuven ben trakteer ik mijn gezelschap op
twee enorme bollen Australian Ice Cream (ondanks de naam Belgisch), voor
mezelf één bol stracciatella of vanille en één bol chocolade of framboos.
Als ik thuiskom van mij werk verlang ik naar een groot glas koele limonade
met bloedsinaasappelsap en guarana van het merk River. Jawel, van Aldi. Jef Colruyt, mijn baas, moest het weten.
Mijn zondagen vier ik samen met het gezin en soms met gasten met een laat
ontbijt. Pistolets, croissants, boterkoeken met rozijnen, kramiek,
suikerbrood, kaas , kaas, kaas. En steeds twee boules de Berlin van
bakkerij Sint Hubertus aan de kerk in Wespelaar. De confituur in alle
smaken komt van om de hoek bij Wildiers. Nu ik veel minder rook dan toen
ik dronk verschaft mijn Bastos mij met regelmaat een intens genot.
Genot. Ik vind het in het verzamelde werk van Jeroen Brouwers, in Madame
Bovary van Gustave Flaubert, in James Joyce, in De Alfa Cyclus van Ivo
Michiels waarmee ik ben opgegroeid. Ik vind het in de Godfather trilogie
en in Apocalypse Now van Coppola, in Indiana Jones, Saving Private Ryan en
Schindler's List van Spielberg. In The Matrix, in Monthy Python. In Pulp
Fiction en Kill Bill van Tarantino. In Barry Lyndon en Clockwork Orange
van Kubrick. Ik vind het in de gehele tragische figuur van Orson Welles.
In Het Goddelijke Monster, Zwarte Tranen en Boze Tongen van Tom Lanoye. Ik
vind het in het Big Book voor ik ga slapen. In mijn bed als ik moe ben. In
Dire Straits, in Bruce Springsteen, in Leonard Cohen en The Rolling Stones
en Paul Simon. Ik vind het in Mozart en Beethoven en Mahler. Ik hoor het
op Radio Eén en op Klara.
Ik geniet zonder wroeging van een volle zak Lay's Sweet and Spicy. Van een
pak fritten bij Jakke Frit om de hoek. Van Cote D'or, van Zero, van Milka,
van Callebaut, van Godiva en alle Belgische pralines. Ik geniet van mijn
dagelijkse haspengouwse Jona Gold. Van een volle kom gemengde sla met de
heerlijke vinaigrettes van ons Kris. Van worst met prei of selder. Van
sterke koffie. Van een warme chocolademelk met verse slagroom, van een
Herman Brusselmanneke (koffie verkeerd, de vaste drank van Brusselmans).
Ik geniet van de lijn van een Alfa Romeo en van een Eddy Merckx fiets. Ik
geniet van te gaan slapen en van wakker te worden op een vrije dag. Ik
geniet van het wereldkampioenschap veldrijden en van Sven Nijs en straks
van de Ronde van Vlaanderen en Luik Bastenaken Luik. Van mij ochtendlijke
douche. Van mijn kapster die mijn hoofd tussen haar borsten houdt als ze
mijn haar wast. Ik geniet van mijn huis en zijn bewoners. Van Pimm's
orange koekjes en van pistachenootjes. Van mijn Acer-pc en vooral van wat
daar op tevoorschijn komt. Ik geniet van het wonder dat Stoppen heet. Ik
geniet van niet te liegen, van niet achterbaks en heimelijk te doen. Ik
geniet van wat ik beteken voor de mensen die mij waarderen. Ik geniet van
het beklimmen van de Chartreuse in volle wielerseizoen. Ik geniet van
gedreven mensen bezig te zien en te horen. Van ijskoude melk met Nesquik
en een rietje. Van Leo's en van Negerinnentetten.
Ik ga nu voorts van mijn dag iets proberen te maken.
Hartelijke groet,copyright Dirk |

|
 |
|
 |
|